NATUUR- EN CULTUURVOGELS


Vragen die aan de orde komen zijn:

  • Waarin verschilt een natuurvogel van een cultuurvogel?
  • Waarom is het belangrijk dat cultuurvogels geringd worden?


    (VAN) VOGELS HOUDEN. NATUUR- EN CULTUURVOGELS. BESCHERMENDE MAATREGELEN.
    EEN CULTUURVOGEL IS GERINGD. VOGELHOUDERS OOK VOGELFOKKERS. RINGEN MOET.


    (VAN) VOGELS HOUDEN.

    Een bekende Nederlandse zegswijze luidt: Beter één vogel in de hand dan tien in de lucht. Sommige mensen nemen dit gezegde wel heel letterlijk. Zij houden vogels als huisdier, bijvoorbeeld een kanarie, parkiet of papagaai in een kooi in de huiskamer. Anderen vinden één vogel niet genoeg en houden meerdere vogels in een volière. Of het nu de één is of de ander, allen beleven zij op hun eigen wijze plezier in het verzorgen en fokken van vogels.
    Er zijn ook Nederlanders die liever tien vogels in de lucht zien dan één in de hand. Zij vinden dat vogels moeten vliegen en het houden van vogels in gevangenschap is in hun ogen natuur- en dieronvriendelijk. Als zij hun hart zouden laten spreken zetten ze het liefst de deuren van alle volières in Nederland open, zodat de vogels het vrije luchtruim kunnen kiezen. Zij denken goed te doen, maar handelen allerminst in het belang van het dier. Net zomin als men het tamme konijn een dienst bewijst door hem in de duinen los te laten heeft de vogel die in gevangenschap geboren en getogen is er baat bij dat hij het vrije luchtruim kiezen mag. Zij gaan beide een gewisse en vaak zeer spoedige dood tegemoet.
    [ boven ]
    Goudvink pop op een show. Goudvink man op een show. Groenling op een show. Baardmannetje op een show.



    NATUUR- EN CULTUURVOGELS.

    Al sinds mensenheugenis hebben mensen dieren gecultiveerd, hetzij omdat er een direct aantoonbaar materieel nut was, zoals last- en waakdieren, vlees- en melkvoorziening, hetzij omdat het dier een verrijking was voor het sociaal leven. Sedert de oudheid hebben ook vogels deel uitgemaakt van de mensenwereld. We zouden daarom de vogelwereld eigenlijk moeten scheiden in natuurvogels en gecultiveerde vogels. De eerste leven in de vrije natuur en behoren daar ook te blijven, de anderen zijn voor hun levensonderhoud en voortplanting van de mens afhankelijk.
    [ boven ]


    BESCHERMENDE MAATREGELEN.

    Men maakt zich in de wereld in toenemende mate, en terecht, bezorgd om het voortbestaan van de vogelpopulatie in het algemeen en van bepaalde soorten in het bijzonder. De grootste bedreiging vormt de mens, die in z'n ongebreidelde behoefte aan meer, zogenaamde, schadelijke vogels uitroeit, leefgebieden van vogels vernielt, vervuilt of onleefbaar maakt. Een minder grote, maar zeker niet onbelangrijke, bedreiging vormt de vogelvangst.
    Sedert enige tientallen jaren is men in internationaal verband bezig maatregelen te nemen om in hun voortbestaan bedreigde diersoorten te beschermen. Ook Nederland heeft zich gebonden aan internationale afspraken en dit vindt z'n weerslag in diverse wetten. In de Nederlandse wetgeving m.b.t. het houden van vogels in gevangenschap is in toenemende mate de hiervoor genoemde tweedeling tussen cultuur- en natuurvogels te herkennen. De beschermende maatregelen richten zich met name op de natuurvogels waardoor vogelhouders langzamerhand min of meer verplicht zijn de in hun verblijven geboren en opgroeiende jonge vogels te voorzien van een vaste voetring.
    [ boven ]


    EEN CULTUURVOGEL IS GERINGD.

    Soms lijken cultuur- en natuurvogels als twee druppels water op elkaar. Hoe weten we nu of we te maken hebben met een natuurvogel of een cultuurvogel. Er is één duidelijk en voor iedereen controleerbaar antwoord op: Een cultuurvogel heeft om z'n poot een gesloten, naadloze, voetring. Deze ring is door de fokker bij de jonge vogel, toen hij nog enkele dagen oud was, om de poot geschoven en kan niet onbeschadigd van of om de poot van een volwassen vogel geschoven worden zonder de vogel te verminken.
    [ boven ]
    O.Rinzema bespreekt de Zebravinken. O.Rinzema bespreekt de Zebravinken.



    VOGELHOUDERS OOK VOGELFOKKERS.

    De toekomst van de cultuurvogels in Nederland wordt steeds meer afhankelijk van de mate waarin vogelhouders in staat zijn jonge vogels te fokken. Ook de volièrebezitters die zich meer geconcentreerd hebben op het verzorgen en genieten van hun vogels zullen meer oog moeten krijgen voor het fokken van vogels. Dit geldt dan in het bijzonder voor vogelhouders die in het bezit zijn van soorten die in gevangenschap wat minder gemakkelijk tot voortplanting overgaan.
    [ boven ]


    RINGEN MOET.

    Naast een ontwikkeling waarin vogelhouders in toenemende mate ook vogelfokkers zouden moeten zijn is het van het grootste belang dat jonge vogels ook geringd worden. Wettelijk erkende vaste voetringen zijn uitsluitend verkrijgbaar via de landelijke organisaties van vogelhouders. Veel volièrebezitters zijn nog steeds niet georganiseerd en ringen dus ook hun jonge vogels niet. In bovenstaande is duidelijk aangetoond dat dit een ongewenste situatie is en alle vogelhouders worden dan ook opgeroepen zich aan te sluiten bij een landelijke organisatie of een plaatselijke vogelvereniging, ringen te bestellen en in de toekomst de jonge vogels te ringen.
    [ boven ]